Kantonrechtersformule

Ontslagvergoeding berekenen

 

De kantonrechtersformule is een methode om uit te rekenen hoe hoog een ontslagvergoeding moet zijn. Door een laatste aanpassing in 2009 kan die vergoeding aanzienlijk lager uitvallen.

 

Uniforme behandeling door kantonrechtersformule

Sinds de invoering van de kantonrechtersformule is er in Nederland sprake van een systeem waarbij in gelijke gevallen gelijk wordt gehandeld. Zodat een buiten zijn schuld ontslagen werknemer in Maastricht geen andere vergoeding krijgt dan een lotgenoot in Groningen.

Oude en nieuwe kantonrechtersformule

De formule is heel eenvoudig: A (aantal dienstjaren uitgedrukt in maanden) x B (het brutomaandsalaris inclusief vakantiegeld) x C (een factor waarbij de rechter rekening houdt met specifieke omstandigheden zoals bijvoorbeeld de mate van eigen schuld).

De factor A: aantal dienstjaren

Die werd tot 1 januari 2010 berekend door het aantal dienstjaren tot de veertig voor één mee te tellen, het aantal dienstjaren tussen de veertig en vijftig voor anderhalf en het aantal dienstjaren boven de vijftig voor twee.

 

In de nieuwe berekeningswijze worden de dienstjaren tot 35 voor de helft meegeteld, de jaren tussen de 35 en 45 voor een, tussen de 45 en 55 voor anderhalf en daarboven voor twee.

 

Ter illustratie: een medewerker van 58 jaar die 26 jaar bij eenzelfde baas werkte en een brutomaandsalaris van 3000 euro genoot, kan er in de nieuwe opzet zomaar 21.000 euro op achteruit gaan.

 

Factor C: specifieke omstandigheden

In de nieuwe opzet gaan rechters nóg meer dan voorheen rekening houden met specifieke omstandigheden. Zo gaat men beoordelen of de werkgever wel genoeg heeft gedaan om de werknemer cursussen en opleidingen te laten volgen, hoe de financiële positie van het bedrijfs is en hoe het staat met de werkgelegenheid in de branche waarin de ontslagen werknemer actief is.

 

Als de werkgever zich bijvoorbeeld erg heeft ingespannen om aanvullende opleiding te regelen, kan de kantonrechter besluiten om de factor C niet op één te stellen, maar op 0,8.  En dán wordt het nadelig verschil met de oude regeling in ons voorbeeld plotseling ruim 42.000 euro!